Water & infra > Projecten > Onderzoek naar hemelwaterinfiltratie kern Rheden afgerond
Onderzoek naar hemelwaterinfiltratie kern Rheden afgerond
Econsultancy heeft in opdracht van de gemeente Rheden een geohydrologisch en milieukundig haalbaarheids- en nulsituatie-onderzoek uitgevoerd ter plaatse van het bebouwde kom van Rheden.Doel van het onderzoek is het bepalen of de onderzoekslocatie geschikt voor de infiltratie van hemelwater. Verder is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem als referentie voor toekomstige metingen van de bodemkwaliteit vastgelegd. De gemeente is voornemens om de straatkolken van de wegen binnen het plangebied af te koppelen van het rioolstelsel en het afstromend hemelwater in de bodem te infiltreren middels verticale infiltratie via infiltratiebuizen.
Uit de literatuurstudie naar de geologische, geohydrologische en geomorfologische aspecten blijkt onder andere dat, binnen het centraal-noordelijk deel van de bebouwde kom van Rheden, de ondergrond is opgebouwd uit sneeuwsmeltwaterafzettingen van de Formatie van Boxtel, met een gemiddelde dikte van gemiddeld 10 meter. Deze sneeuwsmeltwaterafzettingen zijn opgebouwd uit een afwisseling van grind, zand en leem zonder enige gelaagdheid. Door het wel of niet aanwezig zijn van leem kan de waterdoorlatendheid van deze afzettingen lokaal sterk wisselen. Onder de sneeuw-smeltwaterafzettingen bevinden zich gestuwde, en daardoor scheefgestelde rivierafzettingen en bestaan voornamelijk uit pakketten matig grove zanden en kleilagen. Het betreft de rand van het stuwwallengebied, waardoor deze afzettingen dan ook diep wegduiken. De kleilagen zijn van zichzelf slecht doorlatend, echter, aangezien ze geen aaneengesloten geheel vormen is niet duidelijk of, en zo ja in welke mate, deze een scheidende invloed hebben op het infiltreren van (hemel)water.
De resultaten van de studie worden bevestigd door de bodemprofielen die zijn verkregen tijdens de veldwerkzaamheden. De bodemopbouw is zowel op horizontaal vlak als in verticale richting zeer heterogeen qua textuur. De grond bestaat voornamelijk uit zeer fijn tot zeer grof zand. Het materiaal is plaatselijk zwak tot sterk siltig, zwak tot sterk grindig en bevat plaatselijk brokken leem. Op wisselende diepten komen leemlagen met een dikte van maximaal 1,5 m voor. Vanaf circa 2,0 m -mv is de bodem zeer consistent.
Het grondwaterniveau varieert globaal van circa 3 tot 8 meter onder maaiveldniveau. In overleg met de gemeente is vervolgens het af te koppelen gebied nader afgebakend. Hierbij geldt als uitgangspunt dat het grondwater zich gemiddeld dieper dan circa 4,5 meter onder maaiveldniveau bevindt. De doorlatendheid van de bodem binnen het afgebakende gebied bedraagt circa 0,5 à 4,5 m/dag.
In de grond dieper dan 2,0 meter onder maaiveldniveau zijn binnen het plangebied geen noemenswaardige verontreinigingen aangetoond. Met het uitgevoerde onderzoek is de nulsituatie van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem vastgelegd. Er bestaan volgens Econsultancy met betrekking tot de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem geen belemmeringen voor de voorgenomen infiltratie van hemelwater.
De belangrijkste conclusie uit het onderzoek zijn dat op basis van de bodemsamenstelling, de geohydrologische situatie en de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem geen belemmeringen zijn voor de voorgenomen verticale infiltratie van hemelwater middels infiltratiebuizen.
< Terug

Vestiging Limburg





